Iris' Garden Ecology

Blog. Want een betere wereld begint in de eigen tuin!

De aanpak van mijn regenwater-plantenfilter

Regenwater leid ik eerst door een plantenfilter, voordat het de vijver en de rest van de tuin inloopt. Maar dat filter was wel aan vervanging toe. Dus gebruikte ik een ogenschijnlijk vreemd onderdeel voor de renovatie: het oude babybadje van mijn zoontje.

Eerder schreef ik al eens over hoe ik mijn vijver aanlegde. Daarin beschreef ik al het gebruik en de schakeling van twee plantenfilters oftewel helofytenfilters. Op basis daarvan kreeg ik veel vragen. Mensen die in mijn tuin op bezoek komen vinden het vaak ook maar een fascinerend onderdeel en vrijwel altijd sta ik uit te leggen hoe het water onder de trap langs naar de vijver stroomt. Maar de helofytenfilters (op die manier) waren een tijdelijke oplossing, bedoeld om te kijken of het zo goed werkt en hoe ik ze het beste kan schakelen. De bakken waren eigenlijk opbergbakken – en je kunt je dus vast wel voorstellen dat die het buiten niet zo naar hun zin hebben met zware lavastenen en water erin. Inmiddels hoef je er maar naar te kijken om al barsten in het plastic te veroorzaken. Dus: tijd om ze te vervangen voor een meer langlevende oplossing.

Je kunt van alles voor een helofytenfilter gebruiken. Een grote bak of speciekuip, een teil, een wasbak, oude plastic zandbak, een oude badkuip is al helemaal prachtig – allerlei spullen, maar hardere materialen, vooral die soorten die specifiek voor buiten en/of water bedoeld zijn leven wel het langste.

Zo kwam het dat man en ik met koningsdag op een veel te drukke rommelmarkt stond om naar oude babybadjes te zoeken. Mijn zoontje gebruikt zijn badje namelijk nog graag – hoewel ik die, als hij er klaar mee is, ook zeker ga omtoveren tot iets dergelijks. Er werd duidelijk aangenomen dat we nog een kindje verwachten, want ik kreeg er allerlei babyspul bij aangeboden. Nope, niet nodig, het is niet voor een kind. Nou, dat was me een vreemd fenomeen. Anyway, we gingen uiteindelijk weg met een perfect groot badje, alleen bleek die beter dan het badje dat we al hadden. Dat stomme ding had een thermometer waar de merknaam diep in is gegraveerd – onmogelijk schoon te maken en met als gevolg, bacteriegroei. Dus uiteindelijk kreeg mijn zoontje het nieuwe babybadje, heb ik uit de oude de thermometer gehaald en het ding voor de tuin geconfisqueerd.

Het nut van het plantenfilter

Veel mensen sluiten regenwater direct aan op allerlei watersystemen en -elementen in de tuin. Dat kan in principe prima. Regenwater in een donkere regenton heeft bijvoorbeeld te weinig licht, warmte en zuurstof om goede bacteriegroei mogelijk te maken. Als je het snel laat infiltreren in de bodem kan het ook niet veel kwaad. Maar het is wel zo dat afvloeiend regenwater – of dat nou van het dak of van de straat komt – vaak aardige verontreinigingen bevat. Denk aan bladeren, vogelpoep en fijnstof en als het van de straat komt zelfs aan oliën, chemicaliën, hondenpoep en -urine. Dat zit voornamelijk in de eerste lading water, die de meeste verontreinigingen met zich mee spoelt. Daarom wordt bij gemeentelijke hemelwaterriolen dit deel meestal afgevangen en alsnog naar de waterzuivering gebracht, terwijl de rest (relatief schoon) mag doorstromen naar het oppervlaktewater. Dat kan ook in je eigen tuin. Heb je nu een schuin dak, dan zal het water er met aardige snelheid vanaf stromen en dus het meeste meenemen. Dan kun je een zogenaamde first flush/rainwater diverter gebruiken, of, zelf maken als je handig bent. Er bestaan meerdere soorten systemen om dat eerste beetje regenwater af te takken. Een overloopje in de regenpijp, waarvan je het water naar je watersysteem laat gaan, is ook een oplossing. Het dak waar ik het regenwater van gebruik is echter groot en plat (van meerdere garages). Het vangt veel rommel van bomen en vogel er omheen en dankzij de langzame stroming verwacht ik niet dat alle verontreinigingen in één keer vrijkomen. Het grind dat erop ligt vertraagt het water nog eens extra. De bitumen bedekking kan ook licht afgeven. Dat wil ik allemaal niet in mijn vijver hebben, vandaar dat plantenfilter. Dat werkt als fysiek filter (dankzij de lavasteentjes en het zand – het substraat – die onopgeloste stoffen tegenhouden) én als waterzuivering dankzij de moerasplanten (helofyten) die verontreinigingen opnemen en bacteriën bij hun wortels hebben die stoffen omzetten. Bovendien zorgt het voor een extra vertraging en buffering van het regenwater, wat vanuit de vijver langzaam de tuin instroomt. Het voordeel hiervan is: de ruimte rondom de vijver blijft nog lang vochtig na een regenbui, maar er treedt geen plasvorming op doordat de aarde niet alles in één keer hoeft te verwerken.

De schakeling van de bakken

Voor het eerdere verhaal had ik al eens een schetsje gemaakt van het systeem:

Het helofytenfilter bestaat uit twee trappen. De eerste is een zogenaamde tidal flow wetland: een bak waarin het waterniveau sterk fluctueert. Als het regent dan kan deze bak tot de rand toe vollopen, boven de lavastenen (het substraat dus, waarin de planten wortelen) uit. Daarna loopt hij langzaam leeg tot ver onder het niveau van diezelfde lavastenen, totdat hij bijna droogstaat. Het is niet de bedoeling dat er langdurig water boven het substraat blijft staan, want dat zou muggen aantrekken. Water komt er boven in en stroomt verticaal door het lavastenenbed naar de bodem, waar het eruit stroomt. Het voornaamste voordeel is dat deze stap onopgeloste verontreinigingen, zoals blad en fijne rommel, uit het water filtert. Het water stroomt hierin wel relatief snel vergeleken met de tweede trap, waardoor het minder goed is om opgeloste verontreinigingen te zuiveren. Maar daarvoor is de tweede trap, de horizontal flow wetland. In die bak stroomt het water zo veel mogelijk horizontaal door het bed heen. Het niveau hierin blijft relatief gelijk. Kortweg zorgen horizontaal stromende bedden met een langzame stroming ervoor dat de bacteriën en plantenwortels niet continue verse voeding aangeboden krijgen, waardoor ze meer hun best doen om zo veel mogelijk van wat erin zit op te nemen of te gebruiken. Dat zorgt dus voor de beste zuivering.

Dit project om het helofytenfilter aan te pakken doe ik in fasen – ik heb immers nog geen bak voor de eerste trap van het filter. Het babybadje is relatief ondiep, dus het meest geschikt voor de tweede trap. Voor de eerste trap zoek ik nog een grote, diepe bak, die ik wat hoger wil neerzetten zodat ik de uitloop ervan over de rand van het babybadje heen (dus zonder een gat erin te hoeven boren) tussen de lavastenen uit kan laten komen.

Ontwerpdimensies

Hoe groot moet je helofytenfilters maken? Dat is een hele goede vraag en daar bestaan allerlei maatstaven voor, maar in mijn tuin heb ik die om 2 redenen laten varen. 1) Ik heb geen idee hoe groot of klein de verontreiniging is die vanaf de daken komt (en niet het geld of de middelen om dat te (laten) testen) en 2) voor een redelijke verontreiniging met de hoeveelheden water vanaf deze daken heb je al een grootte nodig die ten minste de helft van mijn tuin zou opslokken. Het is vooral een kwestie van trage doorstoomsnelheid; hoe langzamer, hoe beter als je een horizontal flow hebt. Dat is een belangrijke reden dat ik deels voor een tidal flow ben gegaan, omdat die het water kan opvangen en bufferen, zodat de horizontal flow maar langzaam vers water aangevoerd krijgt en zijn werk goed kan doen. Voor de tidal flow heb ik dus nog een flinke bak nodig. Om te controleren of de opstelling in mijn situatie voldoende is heb ik eerst deze tijdelijke testopstelling gemaakt en af en toe de insecten in mijn vijver bekeken. Aan de hand van de soorten die er voorkomen kun je een hoop zeggen. In mijn vijver leven veel verschillende dieren. Als ik er water uit haal dan kom ik veel kokerjuffers, libellen- en zelfs haftenlarven tegen. Dat betekent dat ik een goede waterkwaliteit heb met vrijwel geen verontreiniging – zoals het systeem nu is werkt het dus in ieder geval prima, vandaar dat ik kan overgaan op

Voor de hoeveelheid water die het moet kunnen opvangen gebruik je meestal:

  • 25mm x het aantal m² van een dak (horizontaal gerekend) mits je een overflow hebt naar het riool als het meer is, of
  • 50mm of 75 mm x het aantal m² van een dak (horizontaal gerekend) als dat niet zo is, mits je daar altijd nog een extra noodopvang voor hebt als het systeem het teveel niet aankan. In mijn tuin werkt mijn zitkuil als zodanig, maar die heeft nog nooit onder water gestaan.

En zoals ik al zei, hoe langzamer het water door een horizontaal filter loopt (de tweede stap van mijn systeem), hoe beter die kan zuiveren. Als ik het schat dat zit ik op een gemiddelde snelheid van zo’n 1,5 dag/m³; na twee tot drie dagen komt er na een flinke bui meestal geen water meer uit de uitlaat naar de vijver. Dat zou zeker nog langzamer mogen.

De aansluiting

Het babybadje had een mooie, perfecte aansluiting (onderin aan het uiteinde) voor een slang – nadruk op hád, want die is ergens in de loop van de tijd gebroken. Mijn man was zo lief om er een hele avond mee te sleutelen om er toch nog een slang aan te bevestigen. We kozen voor een flexibele slang, zodat we die door de oude buizen onder de trap door konden steken die naar de vijver loopt. In de winter kan ik hem ook zo neerleggen dat de hele bak leegloopt – zo kan het water niet in de bak bevriezen en de bak en aansluiting beschadigen (water dat bevriest zet namelijk uit en kan zodoende pijpen en dergelijke beschadigen).

Ik vind de aansluiting alleen relatief smal, wat handig is om water te vertragen zodat het niet in één grote stoot naar de vijver stroomt (dat zou het bufferende effect een beetje teniet doen), maar het zou sneller verstopt kunnen raken als er toch iets van rommel in die uitgang terecht komt. Voordeel is wel dat we het badje als tweede bak geschakeld hebben staan, waardoor deze vooral opgeloste en niet zo zeer de vaste stoffen voor zijn kiezen krijgt. Die worden immers vooral door de eerste bak gezuiverd.

(met een gaasje om de lavastenen tegen te houden en zodat we bij de uitlaat kunnen)

Het resultaat

Eerst heb ik hem een paar keer volledig vol laten lopen om de lavastenen schoon te spoelen, die waren nogal modderig geworden. De bak heb ik gevuld met een mengsel van goede waterzuiveraars: gele lis, kalmoes en twee soorten lisdodde (Typha angustifolia en T. latifolia). Ze hebben allemaal een eigen spectrum van de stoffen die ze zuiveren en de hoeveelheid, vandaar het mengsel. De twee lisdoddes zijn wel iets waar je voor op moet passen: ze prikken makkelijk door zachtere materialen heen, dus zet ze niet zomaar in een foliebak of iets dergelijks. In EPDM vijverfolie en harde bakken gaat het meestal goed.

Het resultaat ziet er grappig uit, vind ik. Het is ook niet super-opvallend in de tuin, maar zo’n vreemd object heeft toch wel iets.

Advertenties

Eén reactie op “De aanpak van mijn regenwater-plantenfilter

  1. Pingback: Vijverbeplanting voor dieren | Iris' Garden Ecology

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Informatie

Dit bericht was geplaatst op 16 mei 2017 door in Algemeen en getagd als , , , , , , , , .
%d bloggers liken dit: