Iris' Garden Ecology

Blog. Want een betere wereld begint in de eigen tuin!

Top 10 weinig-werk-groenten

Daslook

Ik moet iets opbiechten: mijn tuin kost te weinig tijd. Wat snoeien en voeding geven, soms een onkruidje wegtrekken en klaar. De rest is oogsten, oogsten en nog eens oogsten en dat dankzij meerjarige groenten.

Ik heb mijn tuin onderhoudsarm ontworpen, maar dat heeft dus iets te goed gewerkt. Mijn handen blijven jeuken: ik wil wat doen! Uit verveling ben ik daarom ook maar eenjarige groenten in potten gaan kweken. Een van de redenen zijn de meerjarige voedselgewassen. Meerjarige voedselgewassen hebben een aantal voordelen ten opzichte van eenjarigen. Je plant (of zaait) ze één keer en ze zijn jaren achter elkaar te oogsten. De wortels zijn dieper en beter ontwikkeld waardoor ze minder vaak voeding en water nodig hebben; een laag compost in het voorjaar en een beetje water als het langere tijd droog is en de planten doen het prima. En doordat er minder in de bodem gespit hoeft te worden wordt het bodemleven niet verstoord waardoor dit zich beter kan ontwikkelen. Meerjarige planten zijn dan ook een belangrijk onderdeel van Permacultuur. Een voordeel van eenjarigen is echter wel dat die snel oogstbaar zijn. Ik heb als stelregel dat van een meerjarige plant pas in het tweede jaar na aanplant geoogst mag worden, zodat de plant zich goed heeft kunnen ontwikkelen, al wat groter is (en dus meer oogst biedt) en de weerstand hoger is.

Fruit is bijna altijd meerjarig en veel kruiden zijn dat ook. Maar wat groenten betreft komen we meestal niet verder dan rabarber, artisjok en asperge -die laatste heeft de lijst overigens niet gehaald want deze was niet makkelijk genoeg. Toch zijn er heel veel makkelijke en lekkere meerjarige groentes te vinden.

Dus voor wie graag lekker eten maar weinig werk heeft of gewoon wat bijzondere groenten zoekt (of beide): hier is mijn top 10.

1.       Meerjarige broccoli

Meerjarige broccoli? Ja, echt. Deze broccoli staat bekend als Brassica oleracea ‘Nine Star Perennial’ (perennial betekent meerjarig in het Engels). Het is een meerjarige kool die in het voorjaar een bloemhoofd maakt die gegeten kan worden als broccoli –ik ben er nog niet helemaal over uit of het nou meer een broccoli of een bloemkool is, maar de plant heet broccoli dus ga ik daar maar voor. Als je het eerste grote bloemhoofd weghaalt maakt de plant allemaal kleinere broccoli’s die allemaal eetbaar zijn. Daarnaast zijn ook de bladeren het hele jaar door te oogsten en als kool te bereiden. Vandaar dat dit een van mijn favorieten is.

2.       Rankspinazie

De wetenschappelijke naam is Hablitzia tamnoides. Een gekke klimmende plant die goed tegen kou en schaduw kan waardoor deze in Scandinavië veel wordt gekweekt. De bladeren worden in het voorjaar geoogst en gekookt als spinazie. In Nederland is deze plant nog niet zo makkelijk te vinden, alleen als zaad. Het zaad kiemt niet heel erg makkelijk, maar ik heb goede resultaten behaald door het een paar dagen in water op kamertemperatuur te weken en daarna in buiten (in een koudere omgeving) wordt gezaaid.

3.       Daslook

Allium ursinum -een inheemse plant uit de uien-familie. Groeit graag onder bomen en struiken in de zon/halfschaduw en is daarom alleen maar zichtbaar bovengronds van maart – april, voordat de bomen en struiken met hun blad de zon van de aarde ontnemen. Het blad en de witte bloemen zijn eetbaar en hebben een duidelijke maar zachte uiensmaak. Daslook vormt makkelijk een heel tapijt van witte bloemen onder bomen.

4.       Rabarber

Een bekende! De roze stelen van Rheum rhabarbarum liggen in het voorjaar voor meerdere euro’s in de schappen maar het kweken is zo makkelijk! Ik heb een plant waar ik zo weinig aandacht aan besteedt -weinig compost en geen water- maar die toch ieder jaar meerdere keren een hele bos van die stelen geeft. Te oogsten tot 21 juni (de langste dag) want daarna loopt het oxaalzuurgehalte in de stelen op.

5.       Splijtkool of eeuwig moes

Nog een meerjarige kool. Er zijn twee varianten: Brassica oleracea var. Ramosa en B. olearacea var. Acephala –persoonlijk heb ik nog niet echte verschillen tussen de twee ontdekt. Een plant die het hele jaar door (dus ook in de winter) nieuwe bladeren vormt die als kool gegeten kunnen worden. De plant kan wel breed worden (circa 50cm) dus geef hem de ruimte. De zaden kiemen goed, pas alleen op met slakken en rupsen.

6.       Turkse rucola

Bunias orientalis is een vaste plant waarvan de bladeren als rucola gegeten kunnen worden. Ook niet moeilijk, heeft graag volle zon en wat meer voeding. Slakken eten deze niet zo snel.

7.       Artisjok

Cynara scolymus -nog een bekende! Ik ben gek op een verse artisjok, gekookt en geserveerd met wat saus. Wordt wat groot en wild (1-2 meter en 70cm breed) maar heeft die prachtige artisjok-bloemen die geoogst moeten worden voor ze openen… altijd  weer een lastige keuze: eten of genieten van de bloem? Kan tegen drogere grond, heeft soms wat last van bladluis of slakken en heeft een laag mulch nodig in de winter als bescherming tegen vorst.

8.       Aardpeer

Helianthus tuberosus. Deze zonnebloem-achtige geeft eetbare knollen, die in de winter na het afsterven van het loof geoogst kunnen worden. De aardpeer kan groeien in aarde die droger en minder voedselrijk is, maar doet het wel beter in vochtigere, voedselrijke omstandigheden. De stelen worden twee meter hoog en vormen een goede windvanger. Wel is de plant een woekeraar (door de knollen veel te eten is dat wat minder een probleem maar toch), ik heb hem in een grote ingegraven pot staan. Wacht niet op de bloemen, die verschijnen meestal niet omdat onze zomers niet lang en warm genoeg zijn.

9.       Boomui

Een heel grappig uitziende plant. De wetenschappelijke naam is Allium cepa var. Viviparum. Boomui vormt kleine uitjes ondergronds maar het leuke is, dat als je die laat zitten, dat de boomui aan het einde van de lente-ui-achtige stengels (die ook eetbaar zijn) knotjes van kleine uitjes maakt. Die kleine uitjes zijn te oogsten als het loof afsterft en te eten als uitjes. Ze zijn ook weer te planten als nieuwe boomuitjes.

10.   Zuring

Rumex acetosa (veld- of tuinzuring) of Rumex sanguineus (bloedzuring) is een plantje waarvan de bladeren goed te gebruiken zijn voor een salade. Ze hebben een lekkere, licht zurige smaak. In de schaduw met een flinke dosis mest groeit een groepje van deze planten het beste.

Advertenties

5 reacties op “Top 10 weinig-werk-groenten

  1. Pingback: Moestuin als aanvulling op pensioen? Misschien heeft Klijnsma wel een punt… | Iris' Garden Ecology

  2. Pingback: In 10 stappen: hoe begin je met tuinieren? | Iris' Garden Ecology

  3. Petra
    13 mei 2016

    Ik kan ook nog een goede vaste klimmer/kruiper aanraden, die er ook sierlijk uitziet met prachtige kleuren: Lathyrus tuberosus (Aardaker). De knolletjes zijn eetbaar en de plant is nog inheems ook.

    • Iris Veltman
      14 mei 2016

      Hoi Petra,
      Dat is inderdaad een prachtige plant, ik heb hem opgenomen in enkele andere lijstjes 😉 Bij mij is het dusver alleen zo dat hij het jaar erop grotendeels verdwenen is, ik probeer het nu op een hele zanderige plek om te kijken of hij daar wel overblijft. Blijft hij bij jou wel makkelijk over?

  4. Pingback: Eetbare siertuin: niet alleen fruit en kruiden! | Iris' Garden Ecology

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: