Iris' Garden Ecology

Blog. Want een betere wereld begint in de eigen tuin!

Inheems vs. exoot (deel 2)

Wat is beter, inheemse of uitheemse beplanting?

(Mocht je hem gemist hebben, hier is deel 1 nog een keer).

De foto hierboven maakte in vanochtend in mijn tuin. De plant die je hier ziet – onder mijn appelboompje – is de inheemse look-zonder-look. Hij heet zo, omdat hij bij het kneuzen ruikt (en smaakt overigens, want eetbaar is-ie ook) naar knoflook. Maar het is geen Allium, vandaar ‘zonder look’. Ik was er zo blij mee, toen ik hem zo’n twee weken geleden daar ontdekte. Ik heb ze een tijdje geleden gezaaid, maar er nooit meer iets van gezien. Het zijn tweejarige planten, maar de zaden zijn koudekiemers en ténzij ik een leuke hack weet (zoals bij rankspinazie) lukt het me niet om er een plant uit te krijgen – nee, ik hoef geen tips, ik heb er gewoon geen geduld voor 😉 Anyway, ik heb de rest van de zaden na mijn eerste poging ter plekke gezaaid in de hoop dat dat zou werken, maar zag vervolgens niets gebeuren. Dat is alweer een paar jaar geleden. Dus het was echt een verrassing toen ik deze inheemse plant, die ik al een tijdje in mijn tuin wilde, zo ineens ontdekte mrgreen

Nu kreeg ik vorige week een brochure over biodiversiteit in handen. “Biodiversiteit in tuin en plantsoen” heet het, door Color Your Life en Groen In De Stad. Een mooie brochure, overzichtelijk met handige lijsten, makkelijk te gebruiken voor particulieren en werkgroepen zonder heel diep in de materie te hoeven duiken (en gratis te bekijken via www.bijenhouders.nl). Het gaat slecht met de bij en met andere bestuivers – je kent het verhaal inmiddels vast wel – en zodoende is deze brochure in het leven geroepen. Een prettige toevoeging zijn vervolgens de tabellen met interessante planten voor vogels en zoogdieren. Maar al snel kreeg ik toch een bijsmaakje bij het lezen. Zo staat er:

“In Nederland is de (honing)bij gekozen als ambassadeur van de biodiversiteit. […] Daarom wordt in deze brochure ook nadrukkelijk aandacht besteed aan drachtplanten voor bijen en andere bestuivers.” – Biodiversiteit in tuin en plantsoen

Ik begin een voorgevoel te krijgen. En jawel, mijn vermoeden wordt bevestigd. Een paar alinea’s later:

“Het is een misverstand om te denken dat alleen inheemse soorten goed zijn voor de biodiversiteit. […] Ook onze inheemse fauna maakt dankbaar gebruik van het voedsel dat exoten bieden. Denk bijvoorbeeld aan de grote hoeveelheden vlinders die zijn te vinden op de van oorsprong Chinese Vlinderstruik (Buddleja davidii) en de gulzigheid waarmee het Noord Amerikaanse Krentenboompje (Amelanchier lamarckii) doorgaans wordt leeggegeten door onze vogels.” – Biodiversiteit in tuin en plantsoen

Daarna worden nog twee kanttekeningen gegeven, maar geen van beiden gaat in op mijn eerste zorg over deze stelling. Is het echt een misverstand? Of speelt hier nog iets anders mee?

Technisch gezien klopt hun stelling wel. Als je kijkt naar ‘bijen’ en vlinders, dan zijn inderdaad heel wat exotische tuinplanten zeer geliefd bij deze groepen. Met ‘bijen’ doelen ze hier op de gehele groep, dus zowel honingbijen als alle soorten wilde bijen (hommels rekenen ze overigens apart). Door veel dit soort tuinplanten neer te zetten kun je zeker bijdragen aan grotere aantallen en meer gevarieerde bestuivers – maar is dat alles in het concept van biodiversiteit? Ik mis hier een (in mijn ogen) belangrijke nuancering, namelijk: dat je hier alleen specifieke groepen mee helpt. Specifieke groepen zoals de honingbij en de generalisten, die het ook moeilijk hebben – prima – maar door dit niet te benoemen en vervolgens wel stelling te nemen over de relatie tussen biodiveristeit en inheemse soorten, creëer je weer een misverstand in de discussie die je hier juist wilde oplossen. Het gevaar bestaat met zo’n stelling om inheemse planten dan maar helemaal links te laten liggen – exoten doen het immers prima. Dat was ook precies wat ik zag gebeuren in het verhaal waarin deze brochure naar voren kwam. En dan moet je er juist weer diep in duiken om die achtergrond van zo’n stelling te kunnen zien.

Even terug naar die look-zonder-look in mijn tuin. Nu is het nog een klein plukje, met niet zo veel nut, maar als deze zich – hopelijk – uitzaait dan heb ik straks een hele kluwen. En waarom ben ik nou zo blij met deze plant? Als je kijkt op bijvoorbeeld waarneming.nl, dan krijg je een idee van hoe veel soorten gebruik maken van deze plant. Het is een waardplant – wat betekent dat het een gastheer is die nodig is voor de groei van het organisme – voor rupsen van het oranjetipje, klein geaderd witje en zowel het grote als het kleine koolwitje. Met name het oranjetipje heeft weinig verschillende soorten waardplanten waarop het zijn eitjes afzet, dus zonder die planten geen oranjetipje dat later van de nectar op de vlinderstruik komt snoepen. En dat geldt voor heel wat (vlinder)soorten: ze trekken met nectar is niet zo moeilijk – daarom is zo’n brochure ook goed – maar voor de volgende generatie zijn ook de (veelal inheemse) waardplanten nodig. Als je verder kijkt op die pagina van waarneming.nl, dan zie je dat de plant ook gebruikt wordt door de rupsen en larven van een bladwesp-, een mineervlieg- en drie nachtvlindersoorten. Maar als je puur kijkt naar de soorten die op de nectar afkomen, dan mis je deze informatie.

Een tweede reden waarom ik die nuancering over generalisten – specialisten mis, is omdat in het verhaal van die brochure alle bijen als één worden gezien. Honingbijen, waarop de nadruk ligt omdat deze tot de ambassadeur van biodiversiteit zijn gekozen, zijn generalisten. Dat geldt ook voor veel van onze wilde bijen, maar ook voor veel niet. Even een vergelijking. De brochure noemt de plantengroep Centaurea spp. (Centaurie). Stel, je kijkt binnen die groep naar vaste planten. Daarin heb je bijvoorbeeld de uitheemse grote centaurie of bergcentaurie, ook wel bekend als vaste korenbloem (Centaurea montana). Een inheemse optie is o.a. knoopkruid (Centaurea jacea) – een favoriet van mij. Kijk je dan op de de drachtplantenlijst van Imkerpedia (o.a. makkelijk in te zien op bijenbestuiving.nl) die de bovengenoemde brochure als bron heeft genomen, dan zie je: beiden hebben dezelfde codering voor de nectar- en pollengift (respectievelijk nectar: N3 en pollen/stuifmeel: P3, dat wil zeggen dat ze relatief veel en goede kwaliteit van beiden leveren). Kijk je nou op waarneming.nl, zie je dat bergcentaurie een geschikte hommelplant is. Maar doe je hetzelfde voor knoopkruid dan zie je ineens een veel langere lijst verschijnen. En dan gaat het hierin even niet om de lengte, maar om de soorten die erop staan. Hommels, vier soorten wilde bijen (waaronder ten minste één zeer zeldzame en gespecialiseerde, de kielstaartkegelbij) en een bijenwolf – wilde bijen werden bij bergcentaurie niet genoemd. De site bijenhelpdesk.nl (van bijenman Arie Koster) noemt wel 13 verschillende soorten wilde bijen. Voor vaste korenbloem noemt hij er 3. Echt vergelijken is moeilijk, omdat de bronnen niet overal even diep op ingaan en je niet weet hoe de observaties zijn genomen, maar voor veel van de tuinplanten op de lijst in de brochure kan ik aanzienlijk minder informatie vinden over bezoek door wilde bijen dan de inheemse planten in die groepen – heck, sowieso veel meer soorten insecten in het algemeen dan op veruit de meeste tuinplanten. En dan heb je nog de inheemse planten die niet eens in één van de groepen op de lijst staan, maar wel belangrijk zijn voor gespecialiseerde soorten (zoals wilde klokjes-soorten – klokjesbijen, wilde lathyrus-soorten – lathyrusbij, beemdkroon – knautiabij, etc en allerlei wilde planten waar voor wilde bijen de voorkeuren naar uitgaan). En wat mij betreft kunnen tuinen voor heel wat van deze soorten juist uitbreiding van het habitat bieden. Maar als je alleen naar honingbijen of bijen als één groep kijkt en die afvinkt als er enkele soorten op afkomen, dan mis je dus het verschil tussen ‘alleen echte generalisten’ of ‘een heel legio aan bijen’.

Zo’n brochure vind ik dus zeker geen slecht idee en absoluut nuttig, maar gezien de discussie die al tussen het inheems- en uitheems kamp woedt erger ik me wel aan zo’n stelling. Het geeft een vertekend beeld. Juist voor biodiversiteit heb je niet alleen de generalisten nodig, ook de specialisten en alle stadia – en de soorten zoals nachtvlinders waar sowieso veel te weinig naar gekeken wordt. Met alleen inheemse planten kom je er (bij het meerendeel tuinen tenminste) niet, maar met alleen uitheemse ook niet. En daarom ben ik zo blij met de aanwinst van mijn look-zonder-look – hopelijk brengt mijn tuin straks nieuwe generaties vlinders voort wink

Advertisements

12 reacties op “Inheems vs. exoot (deel 2)

  1. Tom
    19 april 2017

    Hi Iris, over de discussie inheems-uitheems heb ik reeds tientallen opiniestukjes gelezen. Ik reken mij tot het ‘inheemse’ kamp. Planten die hier al milennia lang groeien en bloeien en samen geëvolueerd zijn met de lokale fauna, zijn volgens mij altijd te verkiezen boven uitheemse exemplaren. Met inheemse beplanting zorg je voor meér biodiversiteit omdat niet enkel nectar en bessen belangrijk zijn. Denk aan waardplanten voor dag- en nachtvlinders, bladmineerders, wilde bijen, kevers en andere insecten.

    Uitheemse planten kunnen op diverse vlakken in de tuin een mooie aanvulling zijn.Sommige uitheemse planten leveren nectar/stuifmeel/bessen op momenten in het jaar dat er op inheems vlak nog weinig te beleven valt. Denk aan het vroege voorjaar (bolgewassen) en nazomer/herfst (prairieplanten/vlinderstruik). Dit kan bijvoorbeeld bijen en hommels een handje helpen die vroeg ontwaken (door warm weer) helpen om aan die eerste broodnodige energie te komen. Of de tweede/derde generatie dagvlinders van nectar voorzien als de meeste inheemsen reeds uitgebloeid zijn.

    Wat me vaak stoort is dat vele mensen denken dat inheemse beplanting niet mooi is. Hoeveel prachtige juweeltjes van inheemse planten wij hebben! Meestal wat minder opzichtig is als hun protserige exotische soortgenoten of cultivars, maar daarom in mijn ogen net zoveel mooier.

    Ik tracht veel soortechte inheemse planten in de tuin te zetten aangevuld met ‘exoten-met-meerwaarde’ Dat moet een mooi compromis zijn lijkt mij.

    Bedankt voor de interessante post weer!

    Tom

    • Iris Veltman
      19 april 2017

      Dat inheems niets moois te bieden heeft kom ik inderdaad ook vaker tegen dan mij lief is. En inderdaad, de crux zit ‘m in combineren en bij de keuze inheem vs uitheems soms even stil staan bij welke dieren erbij gebaad zijn.

  2. groengenot
    19 april 2017

    Ineens vind ik het helemaal niet erg meer dat de Look zonder look zich in onze tuin zo kwistig uitzaait.😊 Dankjewel weeral voor dit interessant bericht, weer wat bijgeleerd!

  3. De Fruitberg
    19 april 2017

    Recent wetenschappelijk onderzoek in Engeland, toont aan dat bestuivers geen verschil maken tussen inheemse planten en planten die behoren tot hetzelfde geslacht die elders in de noordelijke hemisfeer leven. Planten uit de Zuidelijke Hemisfeer blijken sowieso minder aantrekkelijk.
    Die verschillen op waarnemingen kan je echt niet als wetenschappelijk bewijs gebruiken, mensen die waarnemingen noteren hebben nu eenmaal meer kans om die te doen op inheemse planten in natuurgebieden.
    Nog een tweede voorbeeld: de grootste diversiteit aan solitaire bijen (dus meeste verschillende soorten) in de UK vind je niet in één of ander natuurgebied, maar in een redelijk formele, natuurlijke tuin vol bloemen (en zeker niet alleen maar inheemse).
    In mijn tuin vloog vorig jaar een rouwbij op uitheemse planten. En een kolonie van een voedselspecialist als de Knautiabij overleeft in een gemeente vlakbij in een tuin waar een grote border vol Knautia macedonia staat. In de regio zouden nog ongeveer 500 stuks leven.
    Dus, het is allemaal niet zo zwart-wit. Vast staat dat die imkerbonden absoluut te zwart-wit denken (en alleen aan hun bijen), ik heb hier dus een gezonde mix van inheems en uitheems hier in de tuin, enfin, dat is mijn idee iig. HIer staat dus Knautia arvensis, in de hoop die Knautiabij te lokken. En invasieve exotische planten, hoe goed ze ook zijn voor bestuivers, vliegen hier op de composthoop

    • Iris Veltman
      19 april 2017

      Dat het niet zwart-wit is was juist mijn punt. Ik zit hier altijd een beetje tussen beide kampen in, ik vind het aan de ene kant niet realistisch om alle tuinen volledig vol te zetten met inheemse soorten (veel zijn bijvoorbeeld woekeraars) maar alleen exoten is wat mij betreft ook veel te kort door de bocht. Het onderzoek wat je aanhaalt klinkt interessant, ik heb er niet van gehoord, heb je daar een link van of een naam? Ik kan daar nu zodoende niet echt inhoudelijk op reageren, ik heb geen idee onder welke omstandigheden, manieren en met welke soorten het is uitgevoerd. Maar mijn verhaal gaat dus juist niet alleen over bestuiving. Als je vlinders wilt, dan heb je ook rupsen nodig en zo zijn er meerdere soorten die als larve van planten eten. Juist van veel vlinders zijn de waardplanten bekend en in de meeste gevallen inheems. De relatie bestuivers-bloemen is ook complexer: dat een soort op een bloem vliegt wil nog niet zeggen dat die voldoende hoogwaardige nectar en/of stuifmeel eruit kan verzamelen. Andersom is bestuiving daardoor ook niet altijd optimaal, zelfs als de bestuivers wel komen. Toevallig werd er in de PDC cursus die ik laatst in de USA deed verteld dat de meeste fruitsoorten (zoals appels en dergelijke), die gekweekt zijn uit Euraziatische geslachten, daar vaak slecht worden bestoven omdat hun bestuivers er minder goed op gebouwd zijn. En daarom worden daar bij fruitgaarden meestal honingbijen geteeld om dat probleem op te lossen. Dat zou tegen de conclusie van dat onderzoek ingaan over dat soorten binnen hetzelfde geslacht in de noordelijke hemisfeer geen verschil maken, want ze hebben ook inheemse Malus-soorten daar. Nog een punt dat meespeelt in het wilde bijen&friends verhaal is dat, zelfs als uitheemse planten ook geschikt zouden kunnen zijn, de bloei van inheemse soorten vaak beter samenvalt met het moment dat de soort die erop vliegt het meest actief is en het meeste nodig heeft, zoals bij de klokjesbijen vaker het geval is. In geen geval wilde ik de observaties trouwens afdoen als wetenschappelijk bewijs, ik bedoelde het om de mogelijke effecten te laten zien als je kijkt naar alleen nectar en generalisten of ook naar specialisten en waardplanten 😉

      • De Fruitberg
        19 april 2017

        Ik besef maar al te goed dat je het niet zwart/wit ziet, mijn reactie was eerder een bijkomende bevestiging 😉
        ik zoek dat artikel wel eens op

      • De Fruitberg
        19 april 2017

        http://onlinelibrary.wiley.com/doi/10.1111/1365-2664.12499/full dat is de link, maar het is dus ook wel, en daar geef ik je gelijk in, vooral bezig met het effect van pollinators

      • Iris Veltman
        19 april 2017

        Bedankt voor de link, ga ik ga er een dezer dagen eens induiken, ben benieuwd!

      • De Fruitberg
        19 april 2017

        Wat één van de belangrijkste conclusies is: bloemrijke tuinen, met een uitgekiende mengeling van inheems en uitheemse planten, kunnen van wezenlijk belang zijn om bestuivers te ‘ondersteunen’. Zo en nu stop ik met spammen 😉

  4. natuurlijk-rijk
    19 april 2017

    Tja, na de uitleg van fruitberg heb ik daar niets meer aan toe te voegen, ik mix dus ook inheems en exotisch. En wat de look zonder look betreft;het staat hier weer bomvol. Zelfs in die mate dat ik ze op sommige plaatsen gewoon uittrek, er blijft nog genoeg over hoor.

    • Iris Veltman
      19 april 2017

      Ha, je bent mij net voor 🙂 k Was druk bezig met het beantwoorden van De Fruitberg. (Bijna net zo lang als het stuk zelf 😉 )

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Informatie

Dit bericht was geplaatst op 19 april 2017 door in Ecologisch tuinieren, Permacultuur en voedselbossen en getagd als , , , , , , , , , , .

Navigatie

%d bloggers liken dit: