Iris' Garden Ecology

Blog. Want een betere wereld begint in de eigen tuin!

Wat zou ik nu anders doen aan mijn tuin?

final-design-iris-beverwijk-the-netherlands2

Mijn eigen tuin was mijn eerste (permacultuur) ontwerp, voordat ik professioneel aan de slag ging. Blijven leren en ontwikkelen vind ik belangrijk, dus keek ik naar wat ik nu anders zou doen en wat ik aan kan passen zodat de tuin nog steeds bij onze veranderde eisen past.

Oké, het gaat even heel dramatisch klinken, maar het begon allemaal met HELLP, beter bekend als zwangerschapsvergiftiging, wat ik in 2014 opliep en zoontje&mijzelf bijna fataal werd (we zijn gezond nu hoor! op die reguliere crash-and-reboot na dan :-p). Zoiets verandert je hoe dan ook ingrijpend. En dus ook wat je belangrijk vindt. Voor mij werd onze plaats in de kringloop veel helderder en ook mijn inzicht in mijn natuurlijke én menselijke omgeving. Duurzaamheid en permacultuur zijn daardoor nog belangrijker voor me geworden dan voorheen (vooral vanuit het idee van overleving van de mens). Dus ik merk dat ik de laatste twee jaar, samen met mijn gezin, mijn tuin anders ben gaan gebruiken en anders ben gaan zien. Het ontwerp ervan komt alweer uit 2011, dus dat is even geleden. In de tussentijd heb ik het één en ander direct van mijn eigen tuin geleerd. De zitkuil bijvoorbeeld, bedoeld als zonneterras, is zó effectief warm, zonnig en in de luwte van de planten, dat we er ’s zomers zo min mogelijk komen vanwege de hitte. Ik heb ook veel gestudeerd en ben professioneel gaan ontwerpen, dus ook daarin ben ik gegroeid. Toen heb ik de vormen heel strak gehouden, bang dat het allemaal te wild zou ogen, en hoewel me dat nog steeds bevalt zou ik er nu niet voor terugdeinzen om meer natuurlijker vormen te gebruiken. Ik hou nog steeds van mijn tuin, maar het moet vooral méér voedsel opleveren, méér nuttig zijn voor wilde dieren en zich aanpassen aan onze huidige behoeften. En het mag nog een stuk groener (tja, aangestoken door Operatie Steenbreek hè en we hebben veel minder verharde ruimte nodig). Dus ik ben hier en daar aan het veranderen gegaan. Dit was het oorspronkelijke ontwerp:

achtertuin-ontwerp2

Nu deed ik laatst een online Intro to permaculture-cursus via Oregon State Univeristy en daarvoor moest ik een plot nemen waarvoor ik een ontwerp kon maken. Dus ik dacht: als ik nou eens mijn achtertuin pak? Die ken ik goed en ik ben heel benieuwd wat ik er nu van zou maken. Immers: ‘Apply self-regulation and accept feedback’ is één van de permacultuur principes (waarbij je leert van je successen en je fouten en aanpassingen maakt als iets niet volledig werkt). Wat is leerzamer dan zelfreflectie? Zou mijn tuin nu heel anders worden of niet? Hoe goed was mijn originele ontwerp? Dit werd het nieuwe ontwerp:

final-design-iris-beverwijk-the-netherlands

Op het eerste gezicht lijkt het een compleet ander ontwerp. Het belangrijkste zitgedeelte (1) ligt direct achter het huis, net als in het oude ontwerp. Hier is het vaak koeler en schaduwrijker, maar daarom juist onze favoriete plek om te zitten. Een plekje in de voorjaarszon is nog steeds gewenst, dus heb ik bij (6) daar een mogelijkheid voor gemaakt door een zitje te ontwerpen dat buiten gebruikstijden dienst doet als koude kas en verhoogde bak. Als je er wilt zitten leg je er een houten deksel overheen en klaar. In de zomer is het hier koeler door druiven die ik erboven langs zou laten groeien (5) om optimaal van de warmte gebruik te maken – hun bladeren ontluiken relatief laat, dus kun je lang van de zachtere zon genieten. Ik zou de tuin omzomen met struweel-achtige bosjes (7 en 10). Eigenlijk heb ik dat nu al, maar ik wil ze meer uitgesproken hebben om de harde stormwinden vanuit het westen (onder) en de koude wind vanuit het noordoosten te temperen, vooral ook in de toekomst met de verwachting dat die stormen sterker en regelmatiger gaan worden. De bestaande spar (8) staat daarvoor al op de perfecte plek in het noordpunt van de tuin. Op ongeveer dezelfde plek als in de huidige situatie zou ik nog steeds een vijver plaatsen (4), met aanvoer vanaf de garagedaken (door een helofyten(=planten)filter net als nu, maar die heb ik hier even weggelaten voor het gemak). Vanaf deze plek kaatst de vijver zonlicht naar het zonnige struweel en de onderkant van de druiven (doet hij nu ook en dat bevalt erg goed). De vijver loopt over (net als nu) naar de omgeving. In dit geval is dat naar een houtsnipperpad (3), wat als pad dient maar tegelijkertijd ook als watertransport richting een ‘vegetable patch’. Die ‘vegetable patch’ (2), een soort moestuin, is niet een gewone moestuin maar een plek met allerlei decoratieve, eetbare, wilde én meerjarige planten die graag veel zon hebben – ik ben nog steeds een luie tuinier en bovendien vind ik dat veel nuttiger voor dieren. Soorten zijn o.a. wilgenroosje, knoopkruid, aardaker, bosaardbei, wilde Campanula en wilde Allium soorten. Die heb ik nu ook in de tuin staan, maar ik zou er nu toch een speciale, extra decoratieve plek van zou maken direct naast het terras, die ook de mogelijkheid voor grotere groepen geeft. Compost (9) is de enige ‘afvalbak’ die ik nog gebruik en blijft op dezelfde plek staan. De regenton (11) staat ook op dezelfde plaats en alle muren/schuttingen laat ik in ‘het echt’ al langzaam begroeien met klimmers (12).

Het ziet er heel anders uit en toch valt de verandering mee. De indeling komt eigenlijk nog steeds erg overeen en de belangrijkste elementen zijn er nog steeds, behalve de zitkuil dan. Die zou echter in dit tweede ontwerp ook kunnen, maar die vond ik niet nodig voor deze opdracht. Hij ziet er vooral zo anders uit doordat ik nu weet dat we het zonneterras (de zitkuil) weinig gebruiken behalve in het voorjaar, dat het daar veel te warm wordt, dat we geen groene en zwarte bak meer nodig hebben en dat ik nog veel meer een nuttige tuin wil hebben in plaats van decoratieve elementen. En minder verhard oppervlak natuurlijk. Dat gaf me de vrijheid om er zo’n andere vorm aan te geven. Tegelijkertijd speel ik veel meer met de vormen en maak ik op andere manieren gebruik van de elementen, zoals het pad. Vooral de dekking met struiken langs de westkant is een belangrijke aanpassing, net als de druiven die ik nu over het warmste deel zou laten groeien, waaronder dan weer bosplanten kunnen staan. Mijn belangrijkste conclusie was echter dat mijn oorspronkelijke ontwerp toch heel goed doordacht was en eigenlijk ook erg treffend voor de eisen van de locatie. In het algeheel kom ik toch weer op dezelfde structuur. Zo slecht heb ik het dus zeker niet gedaan, die eerste keer.

Zoals ik al zei, ik ben dus bezig met dat eerste ontwerp aanpassen aan de eisen van nu. En ook al verschilt het tweede ontwerp zichtbaar van het eerste, de belangrijkste elementen die ik zou willen aanpassen zijn al in wording. Kijk zelf maar:

achtertuin-ontwerp3

Zoals je kunt zien ben ik bezig met heel wat subtiele aanpassingen. Het eerste wat opvalt is misschien wel de zitkuil. Mijn man heeft een kabel gespannen voor de druif, die dwars over de zitkuil kan groeien. Dwars belemmert hij precies het grootste deel van de zon wat nog in de kuil komt, want de klimplanten en struiken er omheen nemen al de latere middagzon weg. Bovendien neemt het de inkijk van de buren van één kant nog meer weg dan de groene tuin nu al doet, ze zijn me namelijk íets te nieuwsgierig. De verharding wil ik eruit halen – ik wil graag een ‘onkruidgazon’ gaan uitproberen, d.w.z. ik wil gaan kijken of ik een gazon kan maken zónder gras maar met alle ‘onkruiden’ die mensen vaak juist uit hun gazon halen om te zien of dat tegen zo nu en dan belopen worden kan, hoe het groeit en hoe divers ik het kan krijgen voor biodiversiteit. Momenteel zit ik daarvoor nog in de uitdenk-fase. Het pad wat naar de garagedeur loopt, waarlangs eerst de afvalbakken stonden, heb ik een stuk smaller gemaakt en de plek waar de afvalbakken stonden ontdaan van tegels. Tja, de ruimte hebben we gewoon niet echt nodig dus waarom niet wat extra voor groen? Ik heb er dit jaar o.a. een jonge eenstijlige meidoorn en een vlier geplant, die inderdaad de tuin meer tegen harde wind moeten beschermen, eetbaar zijn en bijdragen aan de biodiversiteit. Verder staat de enorme oude hortensia sinds vorig jaar al niet meer langs het bospad, maar in plaats daarvan heb ik nu twee hazelaars waarmee ik een levende tipi aan het maken ben voor mijn zoontje. Zo’n tipi had in het tweede ontwerp natuurlijk makkelijk tussen de struiken gekund. De laatste, belangrijke verandering, staat niet in het tweede ontwerp – maar ik ben er wel heel blij mee. De kabels moeten nog wel gespannen worden, maar de klimplanten staan al: ik wil de rechterkant van het schaduwterras laten overgroeien met eetbare klimmers. De avondzon duikt er dan net onderdoor, zodat we van de zon kunnen genieten bij het diner onder een groen bladerdak vol met vruchten. Ik zie het al helemaal voor me.

Al met al ben ik dus eigenlijk heel tevreden met mijn bestaande tuin. Dat tweede ontwerp is leuk, maar met wat ik heb kan ik ook de kant op die ik wil. Van het hele proces heb ik wel opnieuw veel opgestoken. Zo zie je maar, doorontwikkelen is prima en ook een bestaande tuin kun je blijven aanpassen.

Advertenties

4 reacties op “Wat zou ik nu anders doen aan mijn tuin?

  1. Tom
    13 december 2016

    Hi Iris. Ik ben ook het plannen voor een stukje ‘onkruidgazon’. 🙂 Ik ben van plan een stukje gazon in het voorjaar heel erg uit te dunnen door het zeer intens te verticuteren en vervolgens te overzaaien met een inheemse bloemzadenmengeling voor een lage bloemenweide. Mijn oog viel op het lage bloemzaadmengsel van Ecoflora. Dit bevat madeliefjes, kruipende boterbloem, reigersbek, pinksterbloem, weegbree, kruipende boterbloem,,witte klaver, bijenkorfje en nog vele andere inheemse soorten. Dit vervolgens door extensief maaien verder verschralen en hopen dat de bloemen het steeds meer zullen overnemen van het gras. Ben benieuwd naar het resultaat…

    Heel interessant stukje weer!

  2. lefabuleuxjardin
    15 december 2016

    Toen ik in 2015 mijn PDC heb afgelegd werd aangeraden om net niet te beginnen met je eigen tuin. Ik heb die raad opgevolgd en het bleek een zeer goede raad te zijn. Ondertussen heb ik beter leren observeren, ontzettend veel geleerd en vooral bekeken hoe we zelf in onze tuin leven en wat we er van verwachten. En dat wijkt nogal af van hoe ik het oorspronkelijk zou hebben gedaan. Mijn plan ligt bij wijze van spreken op dit moment op de tekentafel en alle puzzelstukjes beginnen zo stilletjes aan in elkaar te vallen. In tegenstelling tot eerst stoort het me ook niet meer zo erg dat er nog “gaten” in het plan zitten, kleine oplossingen weet je wel, en feedback accepteren. De tijd zal uitwijzen hoe die gaten het best worden ingevuld. Weer een leuk een interessant stukje.

    • Iris Veltman
      15 december 2016

      Slim, ja. Ik heb eerst een jaar lang de tuin geobserveerd voordat ik het uiteindelijke ontwerp neerzette, dat heeft erg geholpen. Maar sommige dingen kun je niet voorzien en sommige dingen blijken niet of juist heel erg goed te werken, dus het is niet gek als je na een aantal jaar toch nog dingen aanpast 😉

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Informatie

Dit bericht was geplaatst op 13 december 2016 door in Permacultuur en voedselbossen en getagd als , , , , , , , , , , .
%d bloggers liken dit: