De eettafel in de zitkuil (jaar 2), waar we graag ontbijten
Hoe heb ik mijn eigen tuin ontworpen en wat kwam er allemaal bij kijken? Die vraag krijg ik vaker en dus, bij deze, dit is het ontwerp van mijn achtertuin.
Mijn man zegt dat ik hier eigenlijk een vlog van moet maken. Misschien komt dat nog eens, maar voor nu ben ik daar toch te verlegen voor, dus voor nu een ouderwetse blogpost 😉
Het is onmogelijk om een overzichtsfoto van mijn tuin te maken – behalve van bovenaf. Het idee is namelijk dat de tuin avontuurlijk is en allerlei verborgen plekjes heeft. Zo zou je bijvoorbeeld vanuit huis niet zeggen dat we een zitkuil hebben 🙂 Ik ben namelijk altijd gek geweest van speelnatuur en ontdektuinen. Als we Burgers’ Zoo bezochten, dan was ik uren zoet in de Bush *ouders waren wat minder blij*. Onze eigen tuin moest een mini inheemse/wilde versie worden die ons ook nog eens zo veel mogelijk zelfvoorzienend zou maken (in groente en fruit, dan). Maar vooral ook duurzaam, zo veel mogelijk bijdragend aan biodiversiteit en onderhoudsarm. Ook wilde ik zo veel mogelijk regenwater van de daken ter plekke verwerken! En om het lijstje nog wat langer te maken, ook mooi als siertuin. Dat was specifiek een eis van mijn man – die toen nog niet geloofde dat eetbare planten, voedselbossen, ecologisch tuinieren en permacultuur daarmee prima samen gaan. Alleen de zwemvijver is niet gelukt, maar mochten de buren hun tuin willen opofferen…
De tuin die er stond was wat ik een typische oudere dame-tuin noem. Niets mis mee, alleen ben ik geen oudere dame. Er was veel betegeld (grote grindtegels en verschrikkelijke, zwarte betontegels) en de planten die er stonden waren vrijwel allemaal grote, oude struiken. Er stonden onder andere meerdere coniferen en hoewel die goede plekken bieden aan vogels, krijg ik er zelf de kriebels van. Struikjes klimop, hortensia, skimmia, Photinia, spirea… Dat werk. Er was één flinke boom, een spar, die punten kreeg puur voor het zijn van een boom en voor het bieden van jaarrond beschutting.
De oude situatie, foto van de makelaar.
De achtertuin ligt op het noordwesten, maar is erg zonnig. Het deel achterin vangt ’s zomers al vroeg zon en de rest van de tuin zit er ook niet om verlegen, hoewel het in het voorjaar winderig kan zijn en in de zomer te heet. De hele tuin is ommuurt, aan de achterkant afgesloten door een garageblok. De afwatering van 3 van die daken loopt door onze tuin. De afwatering van ons eigen huis én die van de buren komt ook in onze tuin uit. De bodem was zeer zanderig en bevatte veel anorganisch materiaal. Bovendien stonden de borders (want nergens bedekte aarde) vól met Canadese fijnstraal, een eenjarig onkruid dat zich rijkelijk uitzaait.
Ik heb het eerste jaar alleen geobserveerd om te zien wat er allemaal gebeurde. Op basis daarvan mochten enkele specifieke planten blijven: de enorme hortensia, waar graag vogels in zaten, de spar, een rode kornoelje (geweldig hout voor opbindstokjes en om mee te vlechten), de vuurdoorn (nectar en bessen voor vogels). De planten die weg gingen hebben we aan anderen gedoneerd of, waarvoor we geen belangstellenden konden vinden, versnippert en als mulch gebruikt.
Ik heb lang zitten tobben op de indeling, vooral vanwege de positie van de hortensia en omdat ik veel verschillende microklimaten wilde creëren. Want dan kon ik veel verschillende eetbare planten uitproberen en allerlei mini biotopen maken (wat weer veel soorten dieren aantrekt). Uiteindelijk koos ik ervoor het pad naar achteren dwars door de oude border te leggen. De héle tuin is op de schop gegaan, met alleen een zandvlakte, de spar en de hortensia erin. Dit werd het:
Tijdens aanleg, zonder pergola, vanaf het dak.
Een pergola deelt de kleine tuin (11x6m) op in kamers en zorgt ervoor dat het een veel grotere tuin lijkt. Bovendien groeien er allerlei klimplanten overheen, mijn compensatie voor het tekort aan ruimte om meer bomen neer te zetten. De tuin heeft achterin een zitkuil (heerlijk in het voorjaar) en een schaduwterras direct achter het huis. We hebben een grote pui waarmee we de gevel voor driekwart open kunnen zetten en er zat al een zonnescherm op de achtergevel, dus ’s zomers loopt het huis direct door in de tuin. Heerlijk! De verhardingen, muurtjes en verhoogde borders (achter het huis en de aardbeientoren) zijn gemaakt van stenen uit de voor- en achtertuin en het meeste hout komt uit een restpartij. Wel verandert er nog steeds ieder jaar iets zodat ik weer meer planten kwijt kan 😉 De hortensia is een tipi geworden, de afvalbakken en aardbeientoren gaan plaatsmaken voor parttime-vrije-uitloop-kippen en boven het zonnescherm bij het schaduwterras wil ik (voor een deel) kabels trekken waarover onder andere kiwi kan groeien.
Vorig jaar, nét voordat een groot deel van de bloemen openbarst…
Dit deel noem ik het bospad, omdat het een nagebouwde biotoop is van een bospad. Er groeien specifieke (voornamelijk eetbare) planten tussen de rest die hier vaak van nature groeien, zoals dovenetel, hondsdraf, bosaardbei, daslook en inheemse varens. Zoals gezegd is de hortensia vervangen (hij werd erg lelijk) en nu staat er sinds dit jaar een levende tipi met hazelaars. Als de kippen komen dan maakt de viburnum plaats voor een meidoorn (en de viburnum krijgt een mooi plekje in de voortuin). Tijdens het weghalen van de oorspronkelijke beplanting stuitten we nog op een verrassing: een oude handpomp. Hij doet het niet meer, maar het is wel een mooi object en nu komt hij goed tot zijn recht. Vanuit de vijver loopt water het bospad in, waardoor ik zowel nat, vochtig als droog bospad als mini biotopen heb. Zo staat er bijvoorbeeld echte sleutelbloem (eetbare bloemen), waar ik erg blij mee ben. Dood hout hoort er ook bij, wat een habitat vormt voor allerlei organismen. Vandaar de boomstronk, die ook lange tijd gediend heeft als pad én een mooie achtergrond geeft voor de planten bij de vijver.
De loungebank met het mediterraanse stuk erachter.
De zitkuil, die we handmatig (oef, geen aanrader!) in de hitte hebben gegraven… We moesten alle steentjes van de voortuin érgens laten. De grote hoeveelheid aarde die er vanaf kwam hebben we gebruikt om wat lichte hoogteverschillen in de rest van de tuin aan te brengen en om de verhoogde borders te vullen. Maar het is een fijne plek, waar je op ooghoogte zit met de omgeving, wat een mooi zicht geeft en je zit er al vroeg in het jaar lekker warm uit de wind. Langs de kant (dus niet ín de zitkuil omdat daar ’s winters een vorstzak ontstaat) heb ik een mediterraans deel en een winterkas, hoewel de kas nu verplaatst gaat worden naar de loungebank ’s winters. De loungebank hebben we zelf gemaakt, op een fundering van de oude grindtegels.
Dit deel heeft ook een heel mooi stuk: mijn eigen testproject met een helofytenfilter. Watte? Goed, in simpeler woorden heb ik het over een plantenfilter wat water zuivert. Helofytenfilter is de officiële benaming, maar grappig genoeg wordt die in de tuinwereld weinig gebruikt (ik heb ik de industriële waterzuivering gewerkt, vandaar). Wat gebeurt hier? Het water van de garages wordt afgetapt door een overloopje, vanwaar het in twee achtereen geschakelde bakken vloeit. De bacteriën bij de wortels van deze specifieke planten, de helofyten (o.a. gele lis, kalmoes, lisdodde) halen bepaalde verontreinigingen uit het water, terwijl het substraat werkt als een filter. Handig, gezien het water van daken komt waar bijvoorbeeld vogels op poepen. Vanuit het helofytenfilter loopt het, onder de trap door de kuil in, onder verval de vijver in (dat heet de wet van de communicerende vaten). Op de vijver ben ik ontzettend trots! Er zit geen pomp in of iets dergelijks én hij draait op regenwater, maar hij doet het al jaren goed. Er zitten enkele vissen in, meerdere padden en kikkers. Het leuke is dat ik voor mijn opleiding waterkwaliteit heb moeten bepalen aan de hand van de diertjes die in water voorkomen. Mijn vijver slaagt met vlag en wimpel, want ik heb, naast allerlei ander watervolk, veel kokerjuffers en haftenlarven. Dat zijn zeer verontreinigingsgevoelige dieren. En dat voor water vanaf daken, dat verbaast me nog steeds! Aan de vijver zit ook een moeras met allerlei moerasplanten. De vijver zelf heeft een variabele waterhoogte en overlopen naar de tuin. Bij grote regenbuien bufferen het helofytenfilter en de vijver water, wat ze vervolgens heel langzaam aan de rest van de tuin afgeven. Daardoor blijven delen langer nat en hoef ik nooit water te geven.
Dit deel noem ik het struweel of de cirkel. De redenen lijken me duidelijk: er is een cirkelvormig plateau (gemaakt van kapotte trommelstenen in een spiraal), wat eigenlijk een zogenaamde keyhole bed vormt. De begroeiing eromheen is (ja, ja): een struweel. In het struweel groeien vele soorten (bijna uitsluitend eetbare) planten, waaronder mispel en appel. Water loopt ook hierheen vanuit de vijver, waardoor ik een vochtig en een droger struweel heb. Een wisteria zorgt voor extra stikstoffixatie en de clematis… Ik heb gewoon een zwak voor clematissen.
Het laatste deel (de afvalbakken zijn niet zo boeiend): het schaduwterras direct achter het huis. Hier vang ik water op in een regenton, wat ik gebruik voor planten in pot. Langs het terras loopt een lange, smalle, verhoogde border, waar ik wisselende planten in kweek. De uitbouw van de buren laat ik begroeien met klimhortensia.
Opnieuw nét dat punt voordat de grote bloei openbarst.
Dat was, in een korte versie, het ontwerp van mijn tuin. Ik kan er oneindig veel dingen over vertellen (vandaar dat ik blog) en ik zal vast nog wel eens een aanvulling schrijven. Maar ik geef regelmatig rondleidingen en maak misschien nog wel eens een vlog-serie 😉
Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.
Ik ben Iris Veltman. Ik heb HBO Milieukunde gestudeerd en daarna gewerkt als procestechnoloog bij een bedrijf dat van afvalproducten nuttige producten maakt (o.a. compost en biogas). Nu ben ik bezig met mijn eigen bedrijf: Iris' Garden Ecology. Mijn doel is mensen te laten zien dat de natuur in de tuin niet bestreden hoeft te worden.
Hi Iris! Heel interessant dit! Ik ben ook aan het overwegen om een plaatsje te voorzien voor een vijver in mijn nieuwe tuinontwerp. Ik wil zoveel mogelijk leven in mijn tuin en dan is water natuurlijk ideaal. Het schrikt mij anderzijds ook wel wat af:aanleg, onderhoud, filterinstallatie en algenplage (die rot-algen hebben mij m’n aquariumhobby doen opgeven 🙂 ). Ben erg geïnteresseerd in hoe jij jouw vijver hebt aangelegd: grootte, vijverfolie of gemetst,… Moest je nog wat inspiratie hebben zou het wel fijn zijn moest je hier een artikeltje aan wijden. Groetjes, Tom
Hoi Tom,
Dat is een goed idee! Dat zal ik binnenkort eens doen!
Groetjes Iris
Heel interessant om te lezen hoe je tuin tot stand is gekomen; je hebt er echt een fijne en mooie plek van gemaakt. Ik heb weer inspiratie opgedaan voor mijn eigen tuin!
Dank je wel voor je mooie compliment!